Een wakkere kijk op slaap- en kalmeringsmiddelen

 

De moderne slaap- en kalmeringsmiddelen behoren allemaal tot de klas­se van de benzodiazepines. De meeste medicijnen in de apotheek zijn afgeleid van deze ene moederstof. De eigenschappen van benzodia­zepines werden per toeval ontdekt in 1957. Bij een grote schoonmaak in zijn laboratorium maakte Steinbach het geneeskrachtig profiel van een chemische stof (chloordiazepoxide, het eerste benzodiazepine) die enkele jaren tevoren ontwikkeld was, maar door andere bezigheden in de onderste lade was terechtgekomen. Wat bleek? Het benzodiazepine toonde een origineel

farmacologisch profiel. Angstgevoelens worden onderdrukt. Tegelijkertijd komt een slaperig gevoel opzetten en worden de spieren slap. Ook de spierschokken die optreden tijdens een aanval van epilepsie worden erdoor onderdrukt.

De nieuwsgierigheid van de wetenschappers was geprikkeld. Na vele jaren onderzoek is nu klaarheid gekomen in het werkingsmechanisme van slaap- en kalmeringsmiddelen.

 

Kalmeren of slapen

Het verminderen van angstgevoelens en het opwekken van slaap gebeurt door dezelfde chemische stof. Waarom zijn sommige benzodiazepines dan meer geschikt als kalmeringsmiddel en andere als slaappil? Hier speelt het verschil in werkingsduur een rol. Een benzodiazepine dat snel in het lichaam wordt opgenomen en na korte tijd uitgewerkt is, doet het beter als slaapmiddel. Je hebt 's morgens dan geen last van een slaapkater. Preparaten die bijna de hele dag en nacht in het lichaam blijven, zijn meer aangewezen als kalmeringsmiddel. Zo blijft de angst de klok rond onder controle. We bekijken eerst het gebruik als kalmeringsmiddel en onderzoeken daarna de waarde als slaapil.

 

Een pll tegen angst

leder van ons weet hoe angst aanvoelt. Je hart klopt in je keel. Je maag trekt samen. Een benauwd gevoel knelt achter je borstbeen. Je voelt je ijl en duizelig. Je ademhaling verloopt snel en oppervlakkig. Je mond wordt droog. Je lichaam bereidt zich voor op iets ergs. Kortom: je vindt geen rust.

 

Is een kalmeringsmiddel nemen dan de enige uitweg? Niet altijd.

Vaak is de oorzaak van de angst goed aanwijsbaar. Zo maakt het drukke woon-werkverkeer velen helemaal overstuur. Je komt gespannen en angstig thuis. Maar na een kwartiertje of zo relaxen in de luie zetel vloeit die spanning geleidelijk weg. Een kalmeringsmiddel doet het zeker niet beter.

Anderen trekken na hun werk hun joggingpak aan en lopen de opgekropte spanning van zich af. Want een gespannen lichaam nodigt uit om fysiek actief te zijn. Lichamelijke stressverschijnselen zoals hartkloppingen, sneller ademhalen en spanning in de spieren zijn de aanloop naar een primitieve ingesteldheid uit onze oertijd: vechten of vluchten. Maar in onze gecultiveerde samenleving kunnen we daar bijna nooit op ingaan. Wie slaat er nu het meubilair van zijn kantoor kort en klein als zijn baas op zijn zenuwen werkt? Door zo'n oerdaad vloeit de lichamelijke spanning wel helemaal weg, maar even later volgt een nog grotere stresstoestand: ontslag. Dus verbijten we allemaal dag in dag uit diverse keren de stress-signalen die in ons binnenste opwellen.

 

Wanneer een pil slikken om te kalmeren?

Ontspanning en sporten zijn een goed tegengif tegen spanning en angst. Maar komen pillen er dan nooit aan te pas? Wanneer kan een kalmeringsmiddel echt nodig zijn?

Als de oorzaak van de angst niet aanwijsbaar is, ontstaat er een vicieuze cirkel waar je niet uit geraakt. Je hebt angst. Dat leidt tot spanningen en je voelt je rot, want je weet niet wat en hoe de angst in je lijf kruipt. Even gaat het iets beter, maar wat later slaat de schrik toe dat het straks opnieuw erger zal worden. Je angst neemt weer toe en het wordt almaar erger. Eigenlijk heb je angst voor de angst die nog komen moet! Als zo'n angstspiraal je belet om je dagdagelijkse bezigheden te doen, biedt een kalmeringsmiddel een uitweg. Slik nooit op eigen houtje! Raadpleeg eerst je huisarts om te overleggen welk middel voor jou geschikt is en hoe lang je het verantwoord kunt innemen.

Zit je gevangen in een angstspiraal, dan is zo'n kalmerend middel een weldaad. Het geeft opnieuw de nodige rust. De angstverschijnselen ebben weg en je krijgt weer controle over de gevoelens in je lichaam. Pas dan ben je in staat om te voelen waar en wanneer de spanning binnen-sluipt en hoe ze zich opstapelt. Eens die sluipweg van de angst onder controle is, hoeft het kalmeringsmiddel niet meer. In principe gebruik je een kalmeringsmiddel niet langer dan zes weken. De eerste dagen gaat dit vaak gepaard met een wazig, slaperig gevoel; het is dan aan te raden geen wagen te besturen. Na de eerste week verdwijnt de slaperigheid. Stoppen met kalmeringsmiddelen gebeurt door de dagelijkse dosis geleidelijk te verminderen.

 

Slapen met een slaappll

Niet alle slaapproblemen zijn met een slaaptraining op te lossen. De graad van slapeloosheid bepaalt of een slaappil verantwoord is.

Je hebt een paar slechte nachten achter de rug, maar je bent wakker genoeg om de dag door te komen. Dan is een slaappil niet nodig. Het slaapongemak zal vanzelf verdwijnen.

Anders is het als een slechte nachtrust je overdag uit je ritme haalt en dit van week tot week erger wordt. Dan ontstaat een vicieuze cirkel. Je kruipt in bed met de angst om de slaap niet te vatten. Hoe meer je wilt slapen, hoe verder de slaap zich verwijdert. Je staat moe op. Je maakt je druk omdat je werk onder die tergende slapeloosheid lijdt. Dat ver-groot alleen maar de spanning als je onder de lakens duikt. Het vervolg is voorspelbaar: nog minder slaap, nog meer uitgeput overdag.

Zulke slaapproblemen treden vaak op tijdens stresserende situaties. Een slaappil kan dan uitkomst bieden.'s Morgens ben je beter uitgerust. Je kunt de dag weer aan, zodat de slaapspanning 's avonds minder wordt. Dan gaat het inslapen vlotter en doorbreek je de cirkel. Gebruik een slaappil nooit langer dan twee tot drie weken. Beter is het om maar af en toe een pilletje te nemen, b.v. de eerste nacht op vakantie. Dat is net genoeg om niet in een vicieuze cirkel te geraken.

 

Welke pll om in te slapen?

Het staat vast dat het lichaam zelf stoffen aanmaakt die je doen inslapen als de concentratie ervan in de hersenen hoog genoeg is. Het zijn kleine ketens van zes tot negen aminozuren, de bouwstenen van eiwit-ten. Deze neuropeptiden zijn geen zuivere slaapverwekkers. Ze hebben ook andere (neven)werkingen zoals b.v. het opwekken van koorts. Men is er nog niet in geslaagd een zuiver lichaamseigen slaapmiddel te isoleren. Tot zolang zullen we het moeten stellen met kunstmatige slaapmiddelen.

Barbituraten waren de eerste slaapmiddelen. Ze blijven lang werkzaam in het lichaam. Dat garandeert uiteraard een langdurige slaap, maar het nadeel is dat het slaapverwekkend effect de volgende dag blijft door-werken. Bovendien kunnen ze lichamelijke verslaving in de hand werken. En, niet onbelangrijk, bij een overdosis kunnen ze het ademhalingscentrum onderdrukken en zo de dood voor gevolg hebben.

Daarom is men van barbituraten als slaapmiddel afgestapt en werden ze vervangen door de benzodiazepines. Deze stoffen werken zowel kalmerend als sederend (slaapverwekkend). Een snelle opname in het lichaam en een korte werkingsduur maakt ze meer geschikt als slaapmiddel. Met een lange werkingsduur werken ze uitstekend als kalmeringsmiddel of tranquillizer. In feite gaat het in beide gevallen om een gelijkaardige chemische substantie: in de ene verpakking doet ze dienst als tranquillizer, met als nevenwerking slaperigheid, in een andere verpakking profileert ze zich als slaappil.

169 views